Wat zijn ERE certificaten? Dit betekent de overstap van HBE naar ERE
De overstap van HBE naar ERE verandert niet alleen de naam van het certificaat. Voor laadlocaties verandert vooral de manier waarop je naar een levering elektriciteit kijkt. De geleverde kWh blijven het vertrekpunt, maar de herkomst, meting en onderbouwing bepalen hoeveel emissiereductie je kunt registreren.
Dit artikel gaat over elektriciteit voor vervoer, met nadruk op depots, laadpleinen en locaties met eigen opwek. De regels gelden sinds 1 januari 2026 binnen de brandstoftransitieverplichting, de Nederlandse uitwerking van RED III. Het vernieuwde Register Energie Vervoer, het REV, is in 2026 geopend.
Kort gezegd
- HBE staat voor Hernieuwbare Brandstofeenheid; ERE staat voor Emissiereductie Eenheid.
- Onder HBE stond de geleverde hoeveelheid hernieuwbare energie centraal.
- Onder ERE staat de vermeden uitstoot centraal.
- Een kWh uit het net en een aantoonbaar hernieuwbare levering kunnen daarom verschillend uitpakken.
- Een werkende lader is niet genoeg: de meter, de aansluiting, de contracten en de administratie moeten ook kloppen.
Van HBE naar ERE: wat verandert er precies?
Tot en met 2025 werkte Nederland met HBE’s. Een HBE was gekoppeld aan de levering van hernieuwbare energie aan vervoer. Vanaf 2026 stuurt de brandstoftransitieverplichting op reductie van broeikasgasemissies in de brandstofketen. Daar horen ERE’s bij.
Dat verschil lijkt administratief, maar heeft direct effect op de businesscase. De waarde van een levering hangt niet alleen af van de hoeveelheid energie, maar ook van de route waarlangs die elektriciteit als hernieuwbaar en als vervoerstoepassing wordt onderbouwd.
| Onderwerp | HBE tot en met 2025 | ERE vanaf 2026 |
|---|---|---|
| Sturing | Hernieuwbare energie in vervoer | Emissiereductie in de brandstofketen |
| Rekenbasis | Energetische levering en energiedrager | Levering, hernieuwbaar aandeel en emissiereductie |
| Elektriciteit uit het net | Eigen systematiek binnen HBE | Rekent met het vastgestelde Nederlandse aandeel hernieuwbare elektriciteit |
| Eigen opwek | Administratieve onderbouwing bleef nodig | Kan als 100 procent hernieuwbaar uitpakken, mits aan de voorwaarden is voldaan |
| Register | Register Energie voor Vervoer | Vernieuwd Register Energie Vervoer, REV |
| Overgangsvoorraad | Gespaarde HBE’s | Na de jaarafsluiting 2025 omgezet: 1 HBE werd 46 ERE |
Die omrekenregel van 1 HBE naar 46 ERE geldt alleen voor de overgang van gespaarde HBE’s. Het is geen algemene factor voor nieuwe elektriciteitsleveringen in 2026.
Hoe werkt de berekening voor elektriciteit?
Voor elektriciteit rekent het REV met de geleverde hoeveelheid elektriciteit, het hernieuwbare aandeel en vaste Europese uitgangswaarden. Het register voert de berekening uit, maar het helpt om de logica te begrijpen.
Aantal ERE-E = geleverde kWh × aandeel hernieuwbaar × 183 × 3,6 ÷ 1.000
- Geleverde kWh: de gemeten elektriciteit die aantoonbaar aan vervoer is geleverd.
- Aandeel hernieuwbaar: het netgemiddelde of 100 procent bij een kwalificerende hernieuwbare levering.
- 183 g/MJ: de Europese fossiele uitgangswaarde waartegen wordt gerekend.
- 3,6 MJ/kWh: de omrekening van elektriciteit naar energie-inhoud.
Voor levering uit het elektriciteitsnet bedraagt het Nederlandse aandeel hernieuwbare elektriciteit in 2026 50,5 procent. Dat percentage is voor het hele kalenderjaar vastgesteld en wordt niet bepaald door het contract met de energieleverancier.
Rekenvoorbeeld: 100.000 kWh aan e-trucks
Een transportbedrijf levert in één jaar 100.000 kWh aan elektrische vrachtwagens via een bemeterd laadplein.
| Situatie | Rekensom | Indicatieve uitkomst |
|---|---|---|
| Levering uit het net in 2026 | 100.000 × 0,505 × 183 × 3,6 ÷ 1.000 | 33.269 ERE-E |
| 100 procent hernieuwbare elektriciteit die aan de voorwaarden voldoet | 100.000 × 1,000 × 183 × 3,6 ÷ 1.000 | 65.880 ERE-E |
Dit voorbeeld laat zien waarom de bron en bewijsvoering ertoe doen. Het is geen opbrengstberekening: de verkoopprijs van ERE’s is een marktprijs en kan fluctueren. Ook bepaalt de specifieke situatie of een levering als 100 procent hernieuwbaar mag worden ingeboekt.
Netstroom, zonnepanelen en directe lijnen
Voor een laadplein zijn grofweg drie situaties relevant. De technische installatie kan in alle drie gevallen goed werken. De administratieve route en ERE-uitkomst verschillen wel.
| Situatie | Uitgangspunt voor ERE | Waar de aandacht ligt |
|---|---|---|
| Elektriciteit uit het openbare net | Het nationale aandeel hernieuwbare elektriciteit; in 2026 is dat 50,5 procent | Correcte laadmeting en aantoonbare levering aan vervoer |
| Opwek en laden op hetzelfde WOZ-object | Kan als 100 procent hernieuwbare elektriciteit worden ingeboekt | Meting, eigendom van de aansluiting, geen exploitatiesubsidie over de inboekperiode en geen dubbele claim |
| Hernieuwbare elektriciteit via een directe lijn | Kan als 100 procent hernieuwbare elektriciteit worden ingeboekt | Fysieke directe lijn, herkomst, bemetering en juridische inrichting |
Een PPA, garanties van oorsprong of een groen stroomcontract zijn dus niet automatisch voldoende om iedere netkWh als 100 procent hernieuwbaar in te boeken. Voor de ERE-systematiek telt de wettelijke route. Bij twijfel moet je de concrete opzet vooraf laten toetsen door de inboekende partij of via de Green Fellows Helpdesk.
Welke meetinrichting heb je nodig?
Bij een depot is de netaansluiting meestal niet uitsluitend bedoeld voor vervoer. Er draaien ook verlichting, koelinstallaties, kantoorbelasting, werkplaatsverbruik of productie. Daarom moet de elektriciteit voor laden herkenbaar en controleerbaar apart worden gemeten.
- Zorg voor een bemeterd leverpunt voor de laadinfra.
- Gebruik bij een gemengde aansluiting een MID-gecertificeerde meter voor de laadstroom.
- Leg vast welke laadpunten, voertuigen en locaties binnen de inboeking vallen.
- Bewaar meetdata, laadtransacties en correcties volgens een vaste werkwijze.
- Controleer wie eigenaar is van de netaansluiting en of deze correct in het Centraal Aansluitingenregister staat.
De belangrijkste fout is niet een verkeerde kabel of laadpaal. De belangrijkste fout is dat de laadstroom op papier niet los te trekken is van de rest van het verbruik. Dan ontstaat discussie tijdens verificatie en kan een deel van de claim vervallen.
Zelf inboeken of werken met een inboekdienstverlener?
Een inboekdienstverlener registreert elektriciteitsleveringen namens bedrijven of particulieren in het REV en ontvangt daarvoor de ERE’s. Dat kan praktisch zijn voor een transportbedrijf of een CPO die de administratie niet zelf wil inrichten.
De keuze is geen automatische verplichting voor kleine partijen. Wel stelt de NEa eisen aan een inboekdienstverlener. Deze moet bij aanvraag onder meer aannemelijk maken dat hij ten minste 2 miljoen kWh per jaar kan inboeken of 200 machtigingen heeft.
| Keuze | Past meestal wanneer | Let op |
|---|---|---|
| Zelf inboeken | Het volume, de organisatie en de interne administratie voldoende volwassen zijn | Rekening in het REV, verificatie, procesbeheersing en marktverkoop vragen capaciteit |
| Inboekdienstverlener | Je vooral laadinfra exploiteert en de certificatenadministratie wilt uitbesteden | Maak vooraf afspraken over vergoeding, gegevens, verificatie, aansprakelijkheid en verkoopmoment |
Behandel de overeenkomst met een inboekdienstverlener niet als een standaard energiecontract. De verdeling van ERE-opbrengst, datakwaliteit, correcties, controle en beëindiging bepalen gezamenlijk wat je uiteindelijk overhoudt.
Wat moet een laadplein organisatorisch op orde hebben?
De ERE-systematiek raakt meerdere disciplines. De installateur levert de meter, de laadexploitant heeft de transactiegegevens, de energiepartij kent de energiestromen en de financieel verantwoordelijke wil weten wat de opbrengst werkelijk is. Zonder heldere rolverdeling valt de keten uiteen.
- Ontwerp: neem aparte bemetering en datakoppelingen al mee in het elektrisch ontwerp.
- Exploitatie: leg vast wie laadtransacties controleert en hoe afwijkingen worden gecorrigeerd.
- Contracten: bepaal wie het recht op inboeken en verhandelen krijgt.
- Eigen opwek: toets PV, subsidie, aansluiting en meteropzet voordat je met opbrengsten rekent.
- Beheer: neem datakwaliteit, meterbeschikbaarheid en rapportage op in de beheerafspraken.
Neem de verwachte ERE-opbrengst daarom niet als vaste korting op de investeringsbegroting op. Neem de certificatenopzet al mee in een quickscan, haalbaarheidsstudie of technisch ontwerp. Werk met een basisscenario, een voorzichtig scenario en duidelijke voorwaarden waaronder de opbrengst daadwerkelijk ontstaat.
Veelgemaakte denkfouten
- “Elke groene kWh telt als 100 procent hernieuwbaar.” Dat is niet automatisch zo. De wettelijke route en bewijsvoering zijn bepalend.
- “Een laadpaal met een energiemeter is voldoende.” De meetopzet moet passen bij de aansluiting en bij de vereisten voor inboeken.
- “Een ERE heeft een vaste waarde.” De hoeveelheid ERE volgt uit de regelgeving; de financiële waarde volgt uit de markt en contractafspraken.
- “Zonnepanelen maken de ERE-businesscase vanzelf beter.” Dat kan, maar alleen als de opwek en levering juridisch en administratief goed zijn ingericht.
- “Dit regelen we na oplevering.” Dan blijken meterlocaties, datastromen en contractrechten vaak al verkeerd gekozen.
Conclusie
ERE’s maken de opbrengst uit elektriciteit voor vervoer inhoudelijker dan HBE’s. Voor een laadplein telt niet alleen hoeveel kWh naar voertuigen gaat, maar ook hoe je die stroom meet, toerekent en onderbouwt.
De praktische les is eenvoudig: ontwerp het meet- en datamodel tegelijk met het laadplein. Dan voorkom je dat een technisch goed functionerende locatie later geen of minder ERE’s kan registreren door een ontbrekende meter, onduidelijke energiestroom of onvolledig contract.
Hulp bij de inrichting van een laadplein
ERE’s raken ontwerp, exploitatie en contracten tegelijk. Green Fellows helpt opdrachtgevers met quickscans, haalbaarheid, technisch ontwerp en marktuitvragen voor laadpleinen en energie-infrastructuur.
Heeft u een concrete vraag over meteropzet, eigen opwek of de verdeling van certificaatopbrengsten? Stel die via de Helpdesk of neem contact op.
Officiële informatie
- Nederlandse Emissieautoriteit: inboeken hernieuwbare energie voor vervoer
- Nederlandse Emissieautoriteit: inboeken elektriciteit
- Nederlandse Emissieautoriteit: inboekdienstverleners
- RVO: hernieuwbare energie voor vervoer
Dit artikel is bijgewerkt op 27 augustus 2026. Regels, percentages en uitvoeringspraktijk kunnen wijzigen. Toets een concrete inboekopzet altijd op de actuele voorwaarden van de Nederlandse Emissieautoriteit.
